Onderdeel Hogeschool Leiden

Welkom Onze opleiding Geschiedenis De passie van de euritmisten Verder lezen & kijken Toelatingseisen & inschrijven Contact & Open Dagen

Euritmie is vooral bekend door de euritmielessen in het (vrijeschool)onderwijs. Daar wordt ze ingezet als ondersteuning bij de ontwikkeling van het kind. En natuurlijk is er ook de euritmie als therapie. Maar de euritmie heeft ook een lange geschiedenis als podiumkunst. Imke Jelle van Dam schreef daar een boek over. Want al sinds 1989 organiseert hij met veel enthousiasme euritmieopvoeringen. Zijn werk is veelzijdig: subsidieaanvragen, aankondigingen, regelwerk rondom de optredens.

Imke Jelle: ‘Door in oude documenten en verslagen te neuzen kwam ik erachter dat op 1 september 1912 de allereerste euritmieoefening door Rudolf Steiner werd gegeven aan een negentienjarig meisje met de naam Lory Smits. Daarmee is die dag de geboortedatum van de euritmie geworden. Die eerste oefening kwam natuurlijk niet uit de lucht vallen. De geschiedenis begon circa negen maanden daarvoor, medio december 1911. Clara Smits, de moeder van Lory, is weduwe geworden.

 

Op zoek naar advies gaat ze, zoals zoveel mensen in die tijd, op consult bij Rudolf Steiner, die ze goed kent. Op haar vraag hoe ze nu verder moet, stelt Rudolf Steiner haar een wedervraag, namelijk: ‘Wat is je dochter van plan?’ Daarop antwoordt de moeder dat haar dochter iets met beweging en kunst wil doen, zoiets als de opleiding Mensendieck. In het gesprek dat dan volgt, vraagt moeder, die al aardig bekend is met de antroposofie, of het mogelijk is door bepaalde ritmische bewegingen gezondmakend op het lichaam te werken. Steiner beaamt dat en biedt aan haar dochter aanwijzingen te geven om dit verder uit te werken. Nadat moeder thuiskomt, gaat Lory, die Steiner in alles vertrouwt, met enthousiasme direct aan de slag met de opgegeven oefeningen. Anderhalve maand later geeft Steiner Lory nog aanvullende opgaven, die nog niet als euritmie kunnen worden aangemerkt, maar meer dienen als voorbereiding op de genoemde eerste les op 1 september 1912.

 

Enkele weken daarna krijgt Lory een cursus van twaalf dagen, waarin Steiner de eerste aanzetten voor de euritmie geeft. Haar moeder noteert de aanwijzingen nauwkeurig in een schrift. Aan het eind van de les op de laatste dag stelt Marie von Sivers, Steiners’ vrouw, die er ook bij was, voor de nieuw ontstane bewegingskunst de naam ‘eurythmie’ te geven. Een Grieks woord; 'eu' betekent goed, mooi of gezond en 'rythmie' betekent beweging. Mooie, goede en gezonde beweging dus.

Lory studeert braaf, waarbij ze de hulp inroept van haar drie jongere zusjes, en Steiner is, als hij haar in april 1913 opnieuw ontmoet, erg te spreken over haar vorderingen.’

Hoe gaat het daarna verder?

‘Op 28 augustus 1913, de verjaardag van Goethe, vindt de allereerste euritmiedemonstratie plaats, voor leden van de antroposofische vereniging, uitgevoerd door een groep van tien kinderen en jongvolwassenen. De bewegingen zijn dan nog heel pril en statisch. Steiner is enthousiast en voorspelt dat deze avond het begin zal zijn van iets dat een grote toekomst heeft.

Daarna gaat het snel; vanaf de herfst 1913 gaan enkele euritmistes cursussen geven in heel Duitsland. In het begin is er alleen nog de zogenaamde woordeuritmie, waarvan de bewegingen de verschillende letterklanken weergeven. Pas in 1915 geeft Steiner ook aanwijzingen voor de muziek: de tooneuritmie.

In 1919 is het eerste openbare euritmieoptreden in Zürich, waarbij Steiner zelf ook aanwezig is. Het programma bestaat uit korte stukjes, teksten en gedichten. Hij waarschuwt de spelers vooraf: ‘Als na jullie opvoering iedereen laaiend enthousiast is, hebben jullie iets niet goed gedaan! Euritmie móet weerstand oproepen. De meeste mensen zullen het afschuwelijk vinden.’

Dat de euritmie inderdaad niet bij iedereen in de smaak valt, wordt duidelijk als in februari 1921 het Dornachse euritmie-ensemble in Nederland vier optredens komt geven, in Hilversum, Amsterdam, Rotterdam en Den Haag. Alle voorstellingen zijn uitverkocht, want je moet niet vergeten dat Steiner echt een beroemdheid was in die tijd, maar de recensies zijn zeer divers, van euforisch: “[…] dat wij herhaaldelijk een indruk van schoonheid hebben ontvangen. We hebben bevallige bewegingen gezien, mooie standen en groeperingen, en een rythme gevoeld, dat bij de gestyleerde voordracht en de muziek – die ons meermalen bekoorde – zich gelukkig aansloot.” (Het Vaderland) tot vernietigend: “Want de bewegingen dezer eurythmie, die naar den titel te oordelen, een schoone-bewegingskunst moest zijn, waren meestal leelijk, druk, onbeduidend.” (Telegraaf) .

Ondertussen is er ook een Nederlandse groep euritmistes actief geworden die overal in het land demonstraties gaan geven. Er wordt van alles op poten gezet in die vooroorlogse jaren. Zo krijgen de kinderen van de eerste vrijeschool in Den Haag vanaf de oprichting in 1923 ook euritmieles.’

 

Antroposofie is verboden in de Tweede Wereldoorlog. Hoe vergaat het de euritmie in die tijd?

‘Tijdens de oorlogsjaren komt er abrupt een einde aan alle wervelende activiteiten. Alleen in achterkamertjes en in erbarmelijke omstandigheden wordt er voorzichtig door een klein groepjes dames-met een-missie verder geoefend aan de euritmie. Na de oorlogsjaren komt het één en ander geleidelijk weer op gang. De eerste aanzetten voor een Nederlandse euritmieopleiding in Den Haag worden in 1966 gezet. Spoedig daarop wordt Werner Barfod naar Nederland gehaald, die de leiding overneemt en tevens het Nederlands Eurythmie Ensemble opricht. In de jaren zeventig en tachtig maakt de euritmie een bloeitijd door. Er worden veel voorstellingen gegeven, die meestal zijn uitverkocht, tot wel duizend bezoekers per avond. In 1975 wordt de euritmie op het Holland Festival in een uitvoering van Orpheus en Eurydice door euritmiste Else Kink getoond, voor het eerst buiten de eigen kringen, aan een groter publiek.

Maar na de bloeitijd treedt er een verwelking in. Aan het eind van de jaren tachtig dalen de bezoekersaantallen van euritmievoorstellingen drastisch, wereldwijd. Uit verschillende hoeken komt kritiek. De euritmie zou te eenvormig zijn, alles is inwisselbaar en alleen maar nabootsing, te veel alleen uiterlijk gericht en te weinig persoonlijk. Als reactie daarop staan jonge euritmisten op die kiezen voor een radicaal andere benaderingswijze. Ze gaan experimenteren met de aanwijzingen van Steiner en krijgen daarop, door de oude garde, veel kritiek te verduren. Mensen lopen boos weg uit voorstellingen: ‘Dit is geen euritmie meer!’ zeggen sommigen boos. Toch blijven euritmistes als Melanie MacDonald, Bettina Grube en Gia van de Akker hun eigen weg gaan.

 

En nu?

‘Steeds meer euritmisten en euritmiegezelschappen maken vernieuwende voorstellingen en durven oude vaststaande ‘regels’ los te laten. De waarde van het persoonlijke in een voorstelling wordt steeds meer ingezien en krijgt ruimte. Euritmie verschijnt op grote nationale en internationale podia en professionele mensen worden ingeschakeld voor decor, kostuums en belichting. En steeds meer mensen ervaren bij het kijken naar (en ook bij het doen van) euritmie dat achter een aanvankelijke weerstand vaak een bruisende en gezondmakende kracht schuilt.’

 

Interview: Petra Essink

Foto's Gia van den Akker: Laurent Ziegler

 

 

Het boek ‘100 jaar euritmie’

is geschreven door Imke Jelle van Dam.

Meer informatie: www.euritmie.nl/org

Bewegen tegen alle weerstanden in

De geschiedenis van euritmie als podiumkunst • een interview met Imke Jelle van Dam

Euritmie: een Grieks woord; 'eu' betekent goed, mooi of gezond en 'rythmie' betekent beweging.

Als ik Imke Jelle vraag te vertellen over de geschiedenis van de euritmie gaan zijn ogen stralen. Natuurlijk wil hij dat! Gedreven steekt hij van wal en tot in detail vertelt hij het verhaal van honderd jaar euritmie: